Schriftelijke vragen: Forza! Castricum wil opheldering over vakantie statushouders

Geacht college,

Nederlandse uitkeringsgerechtigden mogen jaarlijks vier weken naar het buitenland op vakantie. Het doorbreken van het dagelijks patroon kan ook voor de Castricummer zonder baan een extra impuls geven om aan de slag te komen en is daarom belangrijk. Het streven naar zelfredzaamheid staat in het Nederlandse uitkeringssysteem echter centraal en van vakantiegangers die in deze context langer dan 4 weken wegblijven wordt de uitkering stopgezet. Om dit systeem te faciliteren meldt elke uitkeringsgerechtigde, en daarmee een groot deel van de statushouders in Nederland, de periode en duur van de vakantie. Een groot deel van de in Nederland aanwezige statushouders komt uit conflictgebieden als Afghanistan, Somalië en Syrië of landen met uitzonderlijk onderdrukkende regimes als Eritrea. Aanvullend zijn er significante groepen die vluchten vanwege hun geaardheid, etniciteit of anderszins aan identiteit gekoppelde dreigingen. Samenvattend is het in theorie voor het overgrote deel van de statushouders vanwege de aard van de dreiging onmogelijk om terug te keren naar het land van herkomst.  Al enkele jaren lezen we echter aanhoudende berichten over gevluchte statushouders die wel terugkeren naar het land van herkomst om vakantie te vieren. Deze zelfde berichten melden geregeld ook hoe hier vanuit de gemeente, en het Rijk in zijn algemeenheid, niet tegen wordt opgetreden. Dit terwijl de gemeente een vakantieregistratie bijhoudt. Wat Forza! betreft is het zowel in het kader van fraudepreventie bij uitkeringen als fraudepreventie bij verblijfsvergunningen zaak dat de gemeente de locatie van de vakanties van mensen met een uitkering registreert. 
Onze fractie heeft hierover daarom de volgende vragen aan het college: 

1. Neemt de gemeente de vakantiebestemming en duur op van mensen met een bijstandsuitkering in haar administratie?  

a. Zo nee, is het college het met de fractie van Forza! eens dat dit in de context van het hierboven geschetste wel zou moeten gebeuren? Zo nee, waarom niet? 

b. Zo ja, kunt u aangeven welke landen zijn opgegeven door zowel alle uitkeringsgerechtigden als uitkeringsgerechtigde statushouders?

2. Welke invulling is vanuit de gemeente gegeven aan de uitspraak van de staatssecretaris om scherper te letten op dit soort ‘terugkeervakanties’? Welk beleid wordt gevoerd?

3. Bij hoeveel procent van de Castricumse uitkeringsgerechtigde statushouders is de uitkering naar aanleiding van een te lang verblijf in het buitenland beëindigt?

4. Bij hoeveel procent van de Castricumse uitkeringsgerechtigde statushouders heeft de verblijfsduur van een buitenlandse vakantie de vier weken overschreden? 

5. Bij hoeveel procent van de Castricumse uitkeringsgerechtigde statushouders is de verblijfsvergunning naar aanleiding van een verblijf in het land van herkomst ingetrokken? 

6. Is de gemeente bereidt om bij de IND te melden wanneer uitkeringsgerechtigde statushouders naar het land van herkomst zijn geweest?

7. Bent u het met Forza! eens dat het draagvlak voor vluchtelingen in de samenleving en de geloofwaardigheid van ons asielbeleid onder druk komt te staan wanneer statushouders ‘gewoon’ naar hun land van herkomst gaan terwijl ze in Nederland een vluchtelingenstatus hebben gekregen omdat deze mensen gevaar zouden lopen in het land van herkomst?

Wij kijken uit naar de beantwoording van de vragen.

Met vriendelijke groet,

Fractie Forza!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.